Dossier Vuurwerkramp // Ontwijkt de gemeente Enschede haar verantwoordelijkheid voor haar rol bij de vuurwerkramp ?

20-05-2019 08:12

Op 4 april 2019 zijn vragen gesteld aan de Voorzitter van de Enschedese Gemeenteraad op grond van artikel 35 van het Reglement van Orde. De vragen hebben betrekking op een aantal actuele aspecten met betrekking tot de vuurwerkramp, waaronder het rapport van de heer Van Buitenen en een ingediende aansprakelijkstelling.

 

Corsanummer: 1900046311

 

Op 4 april 2019 zijn bij de raadsgriffie vragen binnen gekomen van de heer Jan Willem Elferink

van de fractie PVV gericht aan de voorzitter van de Raad op grond van ex artikel 35 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen en andere werkzaamheden van de Raad. Het college van Burgemeester en Wethouders beantwoordt de vragen als volgt.

 

Betreffende beantwoording schriftelijke vragen van de heer Jan Willem Elferink (PVV) inzake de Vuurwerkramp.

 

1.

Betreffende het gelopen verantwoordingstraject Vuurwerkramp heeft oud Europarlementariër Paul van Buitenen een 1.393 blz tellend rapport opgesteld. Dit is meermaals aan de orde gekomen in de Tweede Kamer en door de Kamer voor onderzoek doorgestuurd naar de Onderzoeksraad voor de Veiligheid. Ook heeft Van Buitenen een reeks van 32 artikelen gepubliceerd over zijn onderzoek,

waarbij hij de gedragingen van de gemeente Enschede ter discussie stelt. Heeft het College van B&W hier aandacht aan geschonken? Is er overwogen om de gemeenteraad hierover te informeren. Zo ja, wanneer? Zo nee, waarom niet?

 

Antwoord:

De heer Van Buitenen heeft de gemeenteraad op 24 september 2018 zelf in uw

bijzijn geïnformeerd over de inhoud van zijn rapport. Daarnaast heeft het rapport onder

geheimhouding voor uw raad ter inzage gelegen. Het raadspresidium heeft de heer Van

Buitenen schriftelijk meegedeeld, mede namens u, om de in de brief vermelde redenen dat

de gemeenteraad van Enschede geen aanleiding zag om tot actie over te gaan (zie bijlage).

Het college heeft geen inzage gehad in het rapport en heeft gelet op het bovenstaande ook

geen aanleiding gezien om de raad aanvullend te informeren en actie te ondernemen.

 

2.

Naar aanleiding van de bevindingen van de heer Van Buitenen heeft de voormalig S.E. Fireworks directeur, tevens inwoner van Enschede, aanleiding gezien om de gemeente Enschede aansprakelijk te stellen voor het door hem geleden nadeel wegens door de gemeente achtergehouden documenten. Heeft het College van B&W hier aandacht aan geschonken? Is er overwogen om de gemeenteraad hierover te informeren. Zo ja, wanneer? Zo nee, waarom niet?

 

Antwoord:

De aansprakelijkstelling is in behandeling bij het college van burgemeester en wethouders. De bevoegdheid daartoe ligt ook bij het college. Uw raad heeft een kopie van de desbetreffende brief ontvangen.

 

3.

Kan het college van B&W de gemeenteraad informeren over de feiten betreffende het in 1997 door de gemeente gevestigde voorkeursrecht op het terrein van S.E. Fireworks? Klopt het dat de notulen van College en Raad betreffende deze besluitvorming niet meer voorhanden zijn? Zo ja, is het College voornemens om dit verzuim te repareren?

 

Antwoord:

Het gaat hier om een besluit van de gemeenteraad uit 1997 in het kader van de Wet voorkeursrecht gemeenten voor het gehele plangebied Enschede Noord en derhalve niet van het college. Het terrein van S.E. Fireworks maakte hier onderdeel van uit. De notulen van die besloten raadsvergadering zijn inderdaad niet (meer) voorhanden. De verantwoordelijk voor de notulen ligt bij de gemeenteraad, dus hierin is geen rol voor het college weggelegd.

 

4.

Klopt het dat er aan indieners van aan de gemeenteraad gerichte verzoeken en bezwaren met betrekking tot de afwikkeling van de Vuurwerkramp, geen ontvangstbevestigingen worden verzonden door de gemeente?

 

Antwoord:

Nee.

 

5.

Kan het college aangeven wie de advocaten zijn geweest die de gemeente hebben vertegenwoordigd in de periode 1997 t/m 2005 betreffende lopende kwesties met S.E. Fireworks en de Vuurwerkramp?

 

Antwoord:

Daar waar het gaat om directe contacten tussen het bedrijf S.E. Fireworks en de gemeente Enschede in relatie tot de vuurwerkramp zijn er geen advocaten geweest die de gemeente hebben vertegenwoordigd. Wel heeft er rondom de vuurwerkramp in het algemeen een grote inzet van juridische bijstand plaatsgevonden.

 

6.

Klopt het dat in de periode 1997 - 2005 zowel locoburgemeester dhr. Helder als vastgoedspecialist dhr. Hoogmoed meerdere posities bekleedden die mogelijk niet met elkaar verenigbaar waren omdat dit tot belangentegenstelling kon leiden?

 

Antwoord:

Op basis van de summiere informatie uit de vraag, is het voor het college niet mogelijk hier nader op in te gaan.

 

7.

De door dhr. van Buitenen aangeboden rapportage Review Strafvervolging vuurwerkramp Enschede heeft ter inzage gelegen bij de gemeenteraad. Heeft het College van B&W, kennisgenomen van dit document, of is aan de heer Van Buitenen verzocht om kennis te mogen nemen van dit document? Zo ja, wat heeft het College met de verkregen informatie gedaan? Zo nee, waarom niet? Acht het College de in het rapport van dhr. Van Buitenen vermelde informatie niet relevant voor de gemeente Enschede? Is er bijvoorbeeld aanleiding om contact op te nemen met Den Haag, dan wel juridische bijstand vanwege mogelijke aansprakelijkheidsstellingen die uit het rapport kunnen voortvloeien?

 

Antwoord:

zie antwoord op vraag 1.

 

8.

Ziet het College, gelet op genoemde ontwikkelingen, aanleiding om de Vuurwerkramp op de agenda te zetten van de Gemeenteraad?

 

Antwoord:

Uw raad heeft zelf al aangegeven dat er op dit moment wordt gewacht op het oordeel van de Tweede Kamer.

 

9.

Heeft de gemeentesecretaris de raadsgriffier op de hoogte gesteld van boven genoemde zaken. Zo ja, wanneer, zo neen, waarom niet?

 

Antwoord:

De agendering van onderwerpen voor de gemeenteraad verloopt via de voor de raad gebruikelijke procedure.

 

10.

De gemeente Enschede is door verzoeker aansprakelijk gesteld. Heeft u de aansprakelijkheidsstelling doorgeleid naar de bestuursaansprakelijkheidsverzekeraar van de gemeente Enschede? Zo ja, wanneer? Zo neen, waarom niet?

 

Antwoord:

Het college heeft de aansprakelijkstelling in behandeling genomen.

 

11.

In genoemde rapportage van dhr. van Buitenen worden ernstige kanttekeningen geplaatst bij het handelen van de gemeente Enschede. Zo wordt o.a. melding gemaakt van het weghouden voor de rechterlijke macht van gemeentelijke dossiers, na de inbeslagname door politie en Openbaar Ministerie. Het zou hier de volgende dossiers betreffen: 1. Dossier Grondbedrijf Gemeente Enschede.

2. Dossier Brandweer Enschede. 3. Dossier opslag vuurwerk 1968 tot 1992. 4. Dossier opslag vuurwerk vanaf 1992. Kan het college aangegeven of zij hiervan op de hoogte was? Zijn genoemde dossiers na de inbeslagname geretourneerd aan de gemeente? Bestaan deze dossiers nog? Zo nee, waarom niet?

 

Antwoord:

Nee, het college is hiervan niet op de hoogte. De overgedragen dossiers bevatten slechts kopieën van originele stukken en zijn na retournering niet bewaard gebleven, omdat daarvoor op grond van de Archiefwet geen aanleiding was. De originele stukken zijn natuurlijk wel gearchiveerd.

 

12.

In de rapportage van van Buitenen staan nog veel meer opmerkelijke zaken die rechtstreeks het handelen van de gemeente inzake de Vuurwerkramp betreffen. Is het College het met mij eens dat deze constateringen opvolging behoeven om te verifiëren in hoeverre actie door het college is geïndiceerd?

 

Antwoord:

Het college heeft nog geen inzage gehad in het rapport van de heer Van Buitenen

en volgt daarom het standpunt van uw raad dat het oordeel van de Tweede Kamer wordt

afgewacht, conform de mede door u verstuurde raadsbrief.

 

Enschede, 9 mei 2019

Burgemeester en Wethouders van Enschede,

de loco-Secretaris, de Burgemeester,

(E.A. Smit) (dr. G.O. van Veldhuizen)

 

Bron: Website Gem. Enschede

https://www.enschede.nl/bestuur

https://ris2.ibabs.eu/Agenda/Details/enschede/53d930d3-3ca1-4035-a1fa-517d8c6081b1

 

====================================================================

 

Opm.: EMLS

Wordt er in de beantwoording van de art-35 vuurwerkvragen door B. en W. van Enschede aan het art-35 vragen-stellende gemeenteraadslid cryptisch “te verstaan” gegeven dat in de rechtspraak niet zozeer de relevante feiten een uitspraak of vonnis bepalen, maar dat een uitspraak of vonnis de relevantie der feiten bepaalt ?

 

 

============================ 

EMLS

Utrecht / Haaksbergen, 20 mei 2019